Flesvoeding

Elke baby heeft voeding nodig, maar hoeveel? En waar moet je op letten?
Flesvoeding
Er is veel te doen om flesvoeding. Sommige moeders zweren erbij, andere vinden dat borstvoeding beter is. Er worden vaak feiten en fabels door elkaar gebruikt om elkaar te overtuigen van hun gelijk. Maar wat is nu werkelijk waar en wat voor invloed heeft dit op papa’s?

Over het algemeen zijn de vaders iets genuanceerder over hun mening dat fles of borstvoeding beteris. Belangrijk is om te onthouden dat er erg veel onderzoek wordt gedaan naar flesvoeding en daardoor is de samenstelling van flesvoeding al nagenoeg hetzelfde als borstvoeding. Flesvoeding bevat dus vrijwel alle voedingsstoffen die je baby nodig heeft en maakt het daardoor een prima alternatief op borstvoeding.

Welke flesvoeding is goed?
Flesvoeding wordt verkocht in poedervorm. Vrijwel elke voeding moet worden aangemaakt met water. De meeste voeding is gemaakt van koemelk en is gemaakt om de spijsvertering van je baby te bevorderen. Waar je dus op moet letten, is dat je de juiste voeding koopt. Er zit verschil tussen zuigelingenvoeding en opvolgmelk. Zuigelingenvoeding lijkt meer op moedermelk dan opvolgmelk en bevat ook andere voedingsstoffen dan de opvolgmelk. Behalve voeding gebaseerd op koemelk, bestaat er ook voeding gebaseerd op geitenmelk of op sojamelk. Geitenmelk is iets lichter verteerbaar door zijn vet- en eiwitsamenstelling. Dit zou mogelijk kunnen helpen tegen refluxklachten, maar hiervoor is nog geen wetenschappelijk bewijs gevonden.

Als je baby’tje koemelkallergie heeft kan voeding op basis van sojamelk een goed alternatief zijn. Babyvoeding is er in vele merken en soorten. De ene is daardoor ook duurder dan het andere. Alle babyvoeding moet voldoen aan de richtlijnen die binnen de EU zijn gesteld en daarmee is elke flesvoeding die in Nederland gekocht wordt ook geschikt om te geven aan baby’s. Grotere merken doen vaak meer onderzoek naar de samenstelling en kwaliteit van hun voeding en daardoor is duurdere voeding vaak iets verfijnder dan de goedkopere voeding.

Waar let je op bij het kopen van fles en speen?
Elk kindje is uniek, dus dit gaat zeker proberen worden. Maar stiekem is het ook wel leuk om nieuwe flesjes en speentjes te zoeken voor je kindje en als papa trots te zijn wanneer je de juiste hebt gevonden. Flesjes zijn er van glas en kunststof. Glas blijft langer mooi en stevig. Plastic is flexibeler, lichter en breekt minder snel als je het laat vallen. Beiden zijn geschikt om in de vaatwasser en de magnetron te stoppen. Je kan kiezen tussen flesjes met een brede hals en met een smallere hals. De flesjes met een brede hals zijn uiteraard makkelijker schoon te maken. Met een flessenborstel zijn de smallere flesjes echter ook prima te reinigen. Je hebt ook flesjes met een afschroefbare bodem en flesjes met een buik in de fles. Deze zorgen ervoor dat je kindje de speen niet makkelijk vacuüm zuigt en zich niet zo snel verslikt. In spenen is er zo mogelijk nog meer variatie dan in flessen. Spenen worden van 2 hoofdmaterialen gemaakt. Latex en siliconen. Later is natuurlijk rubber en siliconenrubber is kunststof. Kunststof is makkelijker schoon te houden, maar scheurt wel sneller.

Ook zit er verschil tussen harde speentjes en zachte speentjes. Zachte speentjes hebben vaak de voorkeur bij pasgeborenen, terwijl de wat oudere baby’s vaak de voorkeur geven aan hardere spenen. Elk kindje is uniek. Dat geld ook voor welk model je kindje fijn vind. Het kersmodel is een korte, maar stevige speen. Het dentalmodel heeft meer de vorm van het mondje van je baby. Belangrijkste is dat de speen altijd goed moet worden vastgezet onder de rand van het flesje en dat deze niet te strak wordt aangedraaid. Dit voorkomt beschadigingen en verkleint de kans dat de baby de fles vacuüm zuigt.

Mannen hebben iets met gaten, maar baby’s hebben dat ook. Hoe groot het gat van het speentje is en hoeveel gaatjes het speentje bevat, maakt of breekt de voeding van je kindje. Het aantal gaatjes en de grote van het gat bepalen hoe snel je kindje kan drinken. Een speentje waarvan het gat te groot is, zorgt voor een verhoogd risico dat je kindje zich zal verslikken of gaat spugen na de voeding. Ook kan hij door het gulzige drinken de hik krijgen. Een te klein gat daarentegen zorgt ervoor dat je
kindje te veel moeite moet doen om te kunnen drinken en daardoor al moe is voor hij verzadigd is. Je kindje kan onrustig worden en harder zuigen dan nodig zou moeten zijn en daardoor niet verzadigd raken.

Welke volgorde is er voor het voeden van je baby’tje?
Vanaf de geboorte zal je kindje zuigelingenvoeding krijgen. Dit is de meeste volledige voeding die je kindje buiten borstvoeding om kan krijgen. Het geven van extra vitamine K is bij deze voeding ook niet nodig. Vitamine D kan je beter nog wel geven. Na de eerste 6 maanden gaat je baby over naar opvolgmelk. Vaak zit hier wel de nodige extra vitamine D in. Als het goed is ga je vanaf deze leeftijd ook beginnen met het geven van andere voeding dan alleen de fles. Denk aan de fruit en
groentehapjes en de eerste stukjes vaste voeding.

Tips bij moeilijke voeding
Helaas drinkt niet elk kindje even makkelijk aan de fles. Sommige kindjes zweren bij mama’s borst. Andere kindjes hebben moeite met de speentjes.


Een paar tips:
  • Blijf nieuwe flesjes en speentjes proberen, wie weet werkt die ene die je nog niet hebt geprobeerd juist wel bij jullie kindje
  • Eventueel kan je aan je lactatiekundige vragen of ze een kunstborst hebben waar je een flesje in kan klikken, waardoor je kindje het gevoel heeft aan de borst te drinken.
  • Probeer je kindje in verschillende houdingen te laten drinken.
  • Leid je kindje af door bijvoorbeeld te wandelen tijdens het voeden of door ze zingen.
  • Eventueel kan je proberen je kindje in z’n slaap te voeden.

Voeding

In het begin zal je kindje alleen maar borst of kunstvoeding krijgen. Hierna zal dit overgaan op pap en fruithapje en misschien al wel vast voedsel! Maar vanaf wanneer mogen ze dat? Dat leggen we je graag uit.

Papa regelt het

Zowel voor als vlak na de geboorte zijn er een heleboel zaken die geregeld moeten worden. Niet alleen een grappige babykamer, wat kleren en een mooie naam, maar ook bijvoorbeeld verzekeringen en geboorteaangifte.

Sprongetjes

Soms is je baby opeens lastiger dan anders, zonder duidelijke oorzaak. Hij huilt veel, is humeurig en hangerig, wil opeens niet meer eten of slaapt moeilijk. Grote kans dat je kind in een sprongetje zit.

Inloggen met